Damestrio Laïs voor folk en vaderland

“Genre dat wij brengen is niet bekrompen of beperkt”

Emmylou Harris omschreef hen twee jaar geleden als ‘engelenstemmen’, en nu komt ook het grote publiek in Vlaanderen stilaan in de ban van het okselfrisse Vlaamse folktrio Laïs. “We brengen geen renaissancemuziek,” vertellen de drie jonge vrouwen. “We staan ook open voor invloeden van nu.”

19990119_tv7_lais1Laïs betekent zoveel als ‘stem’, maar in de Middeleeuwen was het ook een omschrijving voor de erotische liederen die rondreizende troubadours ten gehore brachten. Anno 1999 staat Laïs voor drie jonge vrouwen uit Kalmthout die verknocht zijn aan folkmuziek. Ze brengen eigentijdse versies van traditionals uit het genre, met hun stemmen in de hoofdrol. Van hun titelloze debuut-cd, die twee maanden geleden door het gespecialiseerde label Wild Boar Music op de markt werd gebracht, gingen inmiddels 5.600 exemplaren over de toonbank. Bijna duizend cd’s per week: het is een cijfer waarvoor vele Vlaamse artiesten uit het populaire Tien om te Zien-circuit in deze moeilijke tijden maar al te graag zouden tekenen.

De voorbije maanden ontpopte Laïs zich tot lieveling van de Radio 1-samenstellers, mochten ze een special voor Radio 2 opnemen en waren ze te gast in zowel Tien om te zien als de nieuwjaarsaflevering van De zevende dag. Het trio blaast op de debuut-cd niet alleen de oude Vlaamse volksdeunen op teksten van onder meer Jan Frans Willems en de West-Vlaamse dichter Ferdinand Verknocke nieuw leven in, maar zet terzelfdertijd geloofwaardige interpretaties neer van meer hedendaagse nummers. Concertgangers konden al kennismaken met het trio op het folkfestival in Dranouter.
Laïs wordt steeds vaker gevraagd, maar Jorunn Brauweraerts, Annelies Brosens en Nathalie Delcroix proberen hun uit de hand gelopen passie voor folk te combineren met hun studies. Nathalie (22), onlangs voor het eerst moeder geworden, studeert voor kleuterleidster en Jorunn en Annelies (beiden 19) volgen een zangopleiding aan het Gentse conservatorium. Een mens kan zich afvragen wat deze drie jonge, frisse vrouwen zien in een genre dat eigenlijk niet meer van deze tijd is.

“Daarmee zijn we het niet eens,” vertelt Jorunn. “Je kan momenteel zelfs van een folkrevival spreken. Folk wordt tegenwoordig ingedeeld bij wereld- of roots-muziek. Ik denk dat vele mensen op diverse vlakken weer op zoek zijn naar hun wortels. In een aantal muziekstijlen komt die zoektocht aan bod en Vlaamse folk hoort daar zeker bij. Ikzelf ben in dat milieu opgegroeid en heb verschillende volksmuziekstages gevolgd. Op een bepaald moment heb ik Annelies meegenomen naar zo’n workshop in Gooik en ook zij vond het boeiend om er kennis te maken met de viool en de doedelzak. Daar is Laïs eigenlijk ook ontstaan. Er is trouwens een verschil tussen volksmuziek en folk. Volksmuziek is veeleer eenvoudige, traditionele muziek die vaak teruggaat tot de Middeleeuwen, met authentieke instrumenten als de lier en de vedel. Folk neemt diezelfde wortels mee, maar staat ook open voor invloeden van nu en kan gecombineerd worden met rock, pop en zelfs techno. Folk is absoluut niet bekrompen of beperkt. Met Laïs baseren we ons niet op wat men vroeger deed. We maken driestemmige melodietjes op basis van oude teksten. We brengen geen renaissancemuziek en zingen ook modernere liedjes, onder meer van Sinead O’Connor, Jacques Brel en de Noord-Italiaanse groep Cantovivo. Ook op ons publiek valt geen etiket te kleven: zowel jonge mensen als hun grootouders komen naar ons kijken.”
Vele mensen zijn op zoek naar hun wortels.
Zeker in de Vlaamse folk komt die zoektocht aan bod.

– Op het podium zingen jullie a capella. Elk foutje valt onmiddellijk op. Is dat niet behoorlijk stresserend?
Jorunn “Het is gewoon een logisch gevolg van wat we al jaren doen en ik wil ook in de toekomst – zeker gedeeltelijk – a capella blijven zingen. We hebben ons eigen geluid gevonden omdat we elkaar erg goed hebben leren kennen. Optreden is iets heel organisch. Soms voelen we trillingen door ons heen gaan: we voélen gewoon wanneer iemand van ons stopt met ademen. Het is zalig om dat onder controle te hebben.”

19990119_tv7_lais2– In 1996 stond Laïs op het grote podium van Dranouter te zingen, tot groot genoegen van Emmylou Harris.
Annelies “In ’95 zongen Jorunn en ik voor de organisator van het folkfestival van Dranouter. Hij wou ons graag in de clubtent, maar we hadden amper drie liedjes op ons repertoire staan. Dus mochten we het jaar nadien, in ’96, in de grote tent optreden. Emmylou Harris stond dat jaar ook op de affiche en ze logeerde in De hostellerie op de Kemmelberg. De donderdag voor het festival werd daar ook een programma van Radio 1 uitgezonden en daarin zongen wij. Emmylou had dat op haar kamer gehoord en kwam tijdens ons optreden een kijkje nemen in de grote tent. Nadien was ze bijzonder lovend over ons.”

– Een grote dame als Emmylou Harris die jullie zo bejubelt, welk gevoel gaf dat?
Jorunn “Dat is fantastisch natuurlijk! Ze bleek achteraf ook nog een heel toffe madame te zijn, want ze is samen met haar manager en haar muzikanten een praatje met ons komen maken.”
Nathalie “Ik heb alles toen vóór het podium meegemaakt. Jorunn en Annelies waren al jaren vriendinnen van mij, maar ik ben pas later bij de groep gekomen.”

– Jorunn, je vader is een gereputeerd doedelzakspeler en je voornaam klinkt ook niet Vlaams. Ik vermoed dat je echt uit zo’n ouderwets, degelijk folknest komt.
Jorunn “Vader geeft ook les in doedelzakspelen. Ik ben al vanaf mijn negende in volksmuziek geïnteresseerd, uiteraard ook van thuis uit. Maar thuis luisterde ik ook naar Fleetwood Mac, The Rolling Stones en Dire Straits. Nu nog altijd beluister ik diverse stijlen en daaruit pik ik graag het beste mee. Mijn vader is beroepsmilitair. Hij heeft wel een baard, maar ik vind het jammer dat men steeds naar dezelfde tot op de draad versleten clichés teruggrijpt om een folkliefhebber te omschrijven: de bolletjeszakdoek en de wollen sokken. Maar wat mijn naam betreft, heb je gelijk. Jorunn is geen frequent voorkomende voornaam in Vlaanderen. Het is een vikingnaam die ‘vriend van het everzwijn’ betekent. Dat dier was vroeger in Scandinavië, net als de scarabee bij de Egyptenaren, een heilig dier en een geluksbrenger. Als vriend van het everzwijn, trek je geluk aan. En mijn vier broers heten Harald, Gunnar, Tjorven en Rurik. Echt waar (lacht).”

– Folk lijkt me iets wat vooral de ‘kleinere culturen’ binnen Europa bezighoudt. In Vlaanderen hadden of hebben we Het Kliekske en Kadril, maar ook bij Bretoenen, Kelten, Basken of Corsicanen leeft het volkseigen erfgoed.
Annelies “Misschien kan Laïs op dat vlak iets in het buitenland betekenen. Voor buitenlanders is het Vlaams een vreemde taal en dat geeft misschien iets exotisch, zoals wij ook de Finse groep Värttinä goed vinden, alhoewel we geen snars snappen van wat ze zingen. Folkmuziek karakteriseert een bepaald volk en overstijgt grenzen. Het zou zonde zijn mochten de taal en cultuur van die zogenaamde culturele minderheden binnen Europa verdwijnen. Door de muziek en de liederboeken van vroeger in leven te houden, draag je die cultuur uit. Dat gebeurt in Vlaanderen veel te weining. Daarom zullen we in de toekomst ook in het Vlaams blijven zingen.”

Steve Stevens
© tv7, 19 januari 1999

Laïs staat op de affiche van het winterfolkfestival in de Brusselse AB op zondag 31 januari, met o.a. Fluxus, Rozenland, Ashels, Ki Mizion, Kadril en Shantalla.
Info: 02/548.24.24

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s