Laïs in nieuwe ‘Oor’: «Dorothea is geen coverplaat!»

«Als ik zo die recensie in OOR lees (nummer 24, 2000), krijg ik de indruk dat we een coverplaat gemaakt hebben. En dat terwijl er maar één cover op staat, namelijk Tina Vieri. Dat nummer is van Hedningarna, maar om dan direct te veronderstellen dat die ons grote voorbeeld zijn, slaat nergens op»”.

20010127_oor1Jorunn Bauweraerts zit op haar praatstoel. Niet alleen voert ze de boventoon bij de verdediging van LAÏS’ tweede CD Dorothea, ook bij de rest van het gesprek zijn het voornamelijk haar woorden die vallen. «Jij vindt het totaalgeluid van Laïs erg veel op Hedningarna lijken? Ach, ik ben er wel achter dat het journalisten eigen is alles met iedereen te vergelijken. De één hoort er weer dit in, de ander weer dat. Het zal wel. Wij zijn gewoon drie meiden die zingen wat ons invalt en helemaal niet bezig met vragen als: Waar willen we nu weer op lijken?»

Hedningarna smeedt Noorse en Zweede volksmuziek op eigentijdse wijze samen. Ik wijs de dames erop dat de typisch traditionele kenmerken van die beide Scandinavische landen ook bij Laïs terug te vinden zijn. «Dat is dan toeval,» stelt Jorunn met overtuiging. «Het enige wat ik daarop zeggen kan, is dat België vroeger van de ene bezetter naar de andere ging. Van iedere zal wel iets in onze cultuur zijn blijven hangen.»

Annelies Brosens mengt zich er ook in: «Wij zijn geen muziektheoretici. Hebben geen idee waar we mee bezig zijn. Dat willen we graag zo houden, want zo blijven we vrij. De muziek van Laïs ontstaat op basis van teksten. Vlaamse volksverhalen die we uit oude boeken halen. Bij iedere tekst verzinnen we dan een zanglijn en we werken van daar de muziek verder uit.»

Jorunn: «Op ons debuut was de muziek door de groep Kadril gemaakt en simpelweg onder ons gezang geplakt. Met Kadril werken we niet meer samen. Ze hebben het te druk en ze wilden bovendien een heel andere kant op dan wij. Volgens hen moest de muziek steeds meer worden opgevuld, daar waar wij juist versobering begonnen na te streven. Wij willen de bijzondere klank van de oude volksinstrumenten die we gebruiken optimaal tot zijn recht laten komen. Zodoende gebruiken we liever één instrument per nummer, dan alle tegelijkertijd. Bovendien: onze stemmen zijn al zo prominent aanwezig.»

Voor Dorothea heeft Laïs een eigen band om zich heen verzameld. Jorunn: «De nieuwe groep staat geheel tot onze dienst. Daarom kunnen wij drieën nu volledig bepalen hoe we onze muziek willen laten klinken. Daardoor hebben we veel meer de folkrocksound zoals we die altijd al wilden.»

Zijn ze eigenlijk bang dat het succes van Laïs een hype is. Jorunn: «Iemand zei me laatst dat ie onze concerten minder impact vond hebben dan een jaar geleden. Ja, het nieuwe is er nu natuurlijk wel vanaf, van die drie a capella zingende meiden. Maar kwaliteit is waar het uiteindelijk om draait. Misschien dat onze eerste CD vooral goed heeft verkocht omdat we veel op de tv waren en een echte eyecatcher zijn, maar een groot deel van de kopers zal heus wel uit blijvende liefhebbers bestaan. Als ik zo die volle zalen, grotendeels lovende kritieken en hoge CD-verkoop zie, dan denk ik dat we wel op het juiste pad zitten. Grossieren in de marge van de folkrock is er voorlopig nog niet bij.»

Reportage: Roger Teeling
Foto: OOR
© OOR nummer 2, 2001

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s