Weg van rode klapstoeltjes

In de februari-editie van Zuiderlucht, een Nederlands tijdschrift, vertelt Annelies Brosens aan Paul Verstappen over de nieuwe CD met Simon Lenski, de plaat die Laïs gewoon moést maken. “De radiomakers in Nederland vinden onze muziek te ingewikkeld.”

Langs de ‘steenwegen’ in Kalmthout staan vooral pompeuze villa’s waar zo veel Vlamingen een voorkeur voor lijken te hebben. Hier en daar ontwaar je nog een oud karakteristiek boerderijtje, in een ervan woont Laïs-zangeres Annelies Brosens. Haar woonvoorkeur is misschien wel symbolisch voor de aparte plek die ze met haar collega’s Jorunn Bauweraerts en Nathalie Delcroix van Laïs (Keltisch voor stem) inneemt in de Belgische muziekwereld.
Vanaf de doorbraak met de a capella songs op het folkfestival van Dranouter in 1996 staat de groep bekend om zijn drang naar vernieuwing. Laïs maakte de folk sexy en voorzag poëtische, middeleeuwse liedteksten van een eigentijds jasje. “Optreden zonder muzikanten doen we tegenwoordig eigenlijk nauwelijks. Daar raakten we langzamerhand op uitgekeken”, vertelt Brosens.
Daarom wordt het groepsgeluid steeds meer ingekleurd door uiteenlopende instrumenten. Simon Lenski is één van de muzikanten waarmee de dames tegenwoordig het podium delen. Lenski, cellist van de avantgardistische rockband Die Anarchistische Abendunterhaltung (DAAU), is volgens Brosens een schot in de roos. “Lenski is zo veelzijdig en experimenteel, dat we hem vooral zijn gang laten gaan. Je moet hem geen beperkingen opleggen, dan voelt hij zich een ingehuurde sessiemuzikant. Als hij te ver gaat, remmen we hem later wel wat af.”
Onder de naam Laïs-Lenski speelt het viertal op bijzondere locaties. België kent toch al weinig echte popzalen, waardoor Laïs vooral is aangewezen op de culturele centra. “Die zien er eigenlijk allemaal hetzelfde uit. We wilden wel eens iets anders dan een ‘bak met rode klapstoeltjes’.” Dat kunnen kerken, kapelletjes en romantische kasteeltjes zijn. Maar ook donkere parkeergarages, industriële complexen of luxe lofts. “Het is een speciaal gevoel om je vooraf om te kleden in de sacristie. Zo kun je makkelijker een intieme sfeer neerzetten. Je merkt ook dat bezoekers extra moeite moeten doen om er naartoe te komen. Daardoor speel je voor een nieuwsgierig publiek, dat open staat voor nieuwe dingen.”
De reacties op de ‘intieme concerten’ zijn positief. Brosens: “Steeds vaker horen we: ‘Is er ook een cd met de cello?’” Begin februari moet die eindelijk verschijnen. “Dit is echt een album dat we één keer in onze carrière moesten maken.” De plaat telt tien nummers, een mix van covers en nieuw werk. Die eigen songs kunnen altijd en overal ontstaan. “Vaak brengt iemand wat muziek mee om inspiratie op te doen”. Aan de keukentafel in huize Brosens luisterde men bijvoorbeeld naar het slaaplied Didn’t leave nobody but the baby (beter bekend door het terugkerende Go to sleep you little baby), dat door Emmylou Harris, Alison Krauss en Gillian Welch werd vertolkt in de film O Brother, Where Art Thou? Dat nummer kwam uiteindelijk op de plaat, evenals twee klassieke stukken van de Russische componist Dimitri Sjostakovitsj.
Het album dat de Velvet Underground maakte met zangeres Nico was een andere belangrijke inspiratiebron. “Dat is een hele pure plaat met een rauw, ongepolijst geluid. Ik denk dat we daar naar op zoek zijn gegaan.” Het huiselijke gevoel tijdens de luistersessies was een belangrijke leidraad voor de nieuwe plaat. “Het moet voelen alsof we in je huiskamer staan.” Er staat ook een pure improvisatie op. “We draaiden ’s avonds in de studio alle lampen uit en zijn met z’n vieren begonnen. Dat is heel bijzonder geworden.”
Bij het uitwerken van de nieuwe songs volgt Laïs zoals altijd het gevoel. “Dat gaat puur op het gehoor, we kunnen geen noten lezen. Veel fans zouden graag een partiturenboek bestellen, maar dat is er gewoon niet.” Voor Lenski maakte Laïs een uitzondering. “Bij een Franstalig nummer had hij drie verschillende zangpartijen uitgeschreven. Die zanglijnen zette hij zelf op een cd’tje, zodat we onze partijen konden instuderen.”
Het is altijd afwachten hoe het nieuwe geluid van Laïs zal landen bij de liefhebbers. Maar daar staat Drosens eigenlijk niet bij stil. “De radiomakers in Nederland vinden onze muziek te ingewikkeld. Alleen met een toegankelijker nummer kom je op de radio. Platenfirma’s willen er daarom één song uit kunnen pikken. Maar we maken geen plaat om op de radio te komen. We willen gewoon één interessant album maken. Later zien we dan wel wat er van komt.”

© Paul Verstappen – Zuiderlucht, februari 2009

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s